Een ‘gewone soort’, hoezo gewoon?

March 14, 2015  •  Leave a Comment

In de natuur heeft alles zijn balans. Elke kracht heeft een tegenkracht. Bepaald door de seizoenen, de sterren, de maan, het klimaat, de mens. Als je de natuur zijn gang laat gaan, dan komt het meestal wel goed. De laatste, de mens, zorgt nogal eens voor de chaos. Maar die wordt dan meestal weer gerepareerd door de natuur. En zo houden we elkaar in evenwicht. Of we dat nou willen of niet.

Maar wat is het tegenwicht van ‘gewoon’. Dat moet dan wel ‘ongewoon’ zijn. Dan staat dus tegenover alledaags en bekend, uitzonderlijk en uniek. Althans volgens de taalkundigen. Maar is dit niet allemaal nogal subjectief en afhankelijk van de beoordelaar? Wat voor de een heel normaal is, is voor de ander heel bijzonder.

Op de een of andere manier kan ik subjectiviteit als het om de natuur gaat niet plaatsen. Het houdt namelijk een oordeel in. Vind IK iets de moeite waard of niet. Word ik ergens opgewonden van of niet. Nog erger wordt het wanneer ik een ander ervan probeer te overtuigen dat iets uniek of alledaags is. Een waardeoordeel koppelen aan iets dat er gewoon is zoals het is, zonder onze invloed en meestal al veel langer dan dat wij er zijn, gaat altijd mank. Bij de natuur past nederigheid, verwondering en gepaste afstand.

Voor aanvang van mijn bosvogelworkshops hoor ik regelmatig de vraag; ‘wat zit er bij jou behalve de gewone soorten?’ De wedervraag is dan standaard ; ‘wat versta jij onder ‘gewoon’?. Voorspelbaar is dan natuurlijk dat de Appelvink en de Kruisbek in het algemeen worden beoordeeld als uniek en de Roodborst en de Merel als gewone soort. Ik heb wel eens getwijfeld om mijn cursisten in te delen in ‘gewoon’ en ‘bijzonder’. Zouden ze vast niet waarderen. Bovendien is het mijn classificatie en die klopt alleen voor mij. En ook dan zit ik er meestal naast als je iemand wat beter leert kennen. Beide kanten op trouwens.

Als je doel is om ergens een foto van te maken en dan het liefste een goede foto, dan is het onderwerp eigenlijk niet relevant. Elke soort is een ‘oefenobject’ om betere foto’s te leren maken. En juist de soorten die je vaker ziet, bieden je die kans om te oefenen. Tegen de tijd dat je iets ‘unieks’ (lees niet vaak voorkomend) tegen komt, dan kun je tenminste een beetje fotograferen en verpruts je die kans niet.

Ikzelf fotografeer nu zo’n veertig jaar, waarvan bijna tien jaar de natuur. De foto’s die ik nu maak zijn vaak beter dan die ik in het begin maakte. Of zelfs soms beter dan die van vorige week. Je leert altijd bij en een goede natuurfoto hangt van zoveel factoren af, dat ik nog steeds betere foto’s maak van de Koolmees en de Tijgerspin. En na acht jaar Bijeneters blijven ze me nog steeds boeien en worden de foto’s nog steeds beter. Voor mij een ‘gewone’ soort, voor mijn cursisten een hele bijzondere.

Ik geniet van alle dieren. Van hun kleuren, hun gedrag, hun vitaliteit en hun geluid. En net als bij mensen, is ieder individu uniek. Kijk er maar eens wat langer naar in plaats van door te jagen naar de volgende buitenkans. Want die komt toch wel een keer vanzelf. Een gewoon leven onderscheid zich van een bijzonder leven, door ‘het’ maar gewoon te laten gebeuren en er dan schaamteloos van te genieten. Wie, wat, waar dan ook.

 


Comments

No comments posted.
Loading...

Keywords
Archive
January February March April May June July August September (5) October (1) November December (4)
January February March (3) April May June July (2) August September (1) October (2) November (2) December (2)
January (1) February (3) March (1) April May (2) June (2) July (2) August September October (2) November December
January February (1) March April (1) May June July (1) August September October November December